Over mij

Mijn foto
Groningen, Netherlands
Ik ben John Koster. Geboren in 1960 in Canada. In 1965 naar Nederland verhuisd. Getrouwd, 3 kinderen (zoon 1997, 2 dochters 2003). Eind 2009 begonnen met schrijven. Alle bijdragen op deze weblog zijn door mij, onder eigen naam of Papagoose, geschreven, tenzij uitdrukkelijk door mij anders vermeld. Mijn profielfoto is een afbeelding van een grote Canadese gans en is gemaakt door Andreas Trepte www.photo-natur.de bron: Wikipedia.
Posts tonen met het label Schotland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Schotland. Alle posts tonen

dinsdag 3 juni 2014

The Pap


Jij wint.

Ik keer terug
op mijn schreden.

De lucht trekt dicht.
De wind
dreunt vol
in mijn gezicht.
Verkleumt mijn leden.

Jij wint.

Ik heb mijn
verantwoordelijkheden.


vrijdag 16 mei 2014

Schotland (4): Glencoe


Een Keltisch kruis op een heuveltje. Woorden in steen. Namen. Een paar oude bosjes bloemen. Om het heuveltje staat een hek.

Wat een raar gezicht moet dat zijn geweest. Vijf mensen die een half uur lang rondstruinen binnen en buiten het hek. Spiedend. Speurend. Zoekend. Ze hebben nauwelijks aandacht voor de woorden, de namen. Regelmatig kijken ze op hun smartphones.

Ondanks dat er op de site staat vermeld dat dit een “easy cache” is, druipen de vijf mensen zichtbaar teleurgesteld af. Met lege handen. De geocache is niet gevonden. Het heuveltje met de namen, het kruis, het hek eromheen worden met rust gelaten. Ze zuchten en verzinken in eeuwenoude herinneringen.

De vijf mensen hebben nog een sprankje hoop. Ze inspecteren de brug over de River Coe. Misschien ligt hij daar ergens. Aan het water. Tussen de leistenen. Helaas.

Ze lopen richting het dorp Glencoe en komen langs het Folk Museum. De lage deur van de cottage met witte muren staat op een kier. De mevrouw nodigt hen uit binnen te komen. Nee, ze hoeven niet betalen. Het museum heeft juist een nieuw dak en is officieel nog niet geopend. Even rondkijken mag. Als er vragen zijn dan is de mevrouw bereid die te beantwoorden.

De mevrouw is trots. Op de spullen, het gebouwtje, haar familie, haar clan. Ze vertelt. Ze wacht de vragen van de vijf mensen niet af. Ze vertelt over het bloedbad, ruim 320 jaar geleden. Van de clan McDonald zijn 38 mensen vermoord. Zeker 40 vrouwen en kinderen komen om door uitputting en onderkoeling, omdat hun huizen in brand zijn gestoken. Geen sprankje hoop.

De mevrouw vertelt. Over koning James en koning William of Orange en Mary. Over de Jacobite Uprising. Ze vertelt over het bloedbad, ruim 320 jaar geleden. Eeuwenoude herinneringen die nog zo levend zijn. Ze krijgt tranen in de ogen.

De vijf mensen vervolgen hun weg. Koffie met iets lekkers erbij in The Glencoe Café, een paar honderd meter verderop. Ze kijken regelmatig op hun smartphones. Ligt hier ergens anders misschien nog een cache?

dinsdag 6 mei 2014

Verzonken

         Glen Etive, Scotland

Hoogvlakte
verzonken
in een dal
tussen toppen
gevormd door
ongekende krachten

Spel
van speels licht
geel groen bruin
op hellingen
en in meren
prachtig vergezicht

Verzonken
in gedachten

vrijdag 4 maart 2011

Schotland (3): Fingal's Cave


Tijdens ons verblijf op het inspirerende en rustgevende eiland Iona, krijg ik de mogelijkheid om met een georganiseerde boottocht het eilandje Staffa te bezoeken. Johanna houdt niet zo van boten en schepen. De overtocht van Nederland naar Schotland, van Oban naar Mull en het pontje naar Iona zijn voor haar voorlopig genoeg geweest. Dit begrijp ik. Eens hebben we ergens in Nederland een VVV bezocht, gevestigd op een woonboot. Hier werd ze al draaierig in haar hoofd en wee op de maag. Een goede beslissing om niet mee te gaan naar Staffa, op een kleine boot over een altijd ruige zee aan de westkust van Schotland. Toch heeft ze wel iets gemist.

Gewapend met een fototoestel en een rugzak met proviand meld ik mij aan de kade, waar vandaan de boot vertrekt. Een twintigtal mensen staat al te wachten. Het is een kleine boot, vergelijkbaar met die waarmee we een aantal jaren eerder de Aran Islands aan de westkust van Ierland hebben bezocht. Het is een mooie dag. De zon schijnt en het is ongeveer vijftien graden, normaal voor deze omgeving in de zomer. Johanna zwaait ons uit. Zij zal de dag in alle serene rust op Iona doorbrengen.

De boot danst over de met witte schuimkoppen getooide golven, die schuin van voren komen. Ik vind het prachtig, maar stel me de tocht voor met windkracht zeven en hevige regen. Dat zou pas een avontuur zijn. Van de andere kant van de boot hoor ik een aantal mensen verrukte kreetjes van opwinding slaken. Dolfijnen! Iedereen die aan mijn kant zit haast zich naar de andere reling. En inderdaad, een groepje van vijf dolfijnen slooft zich uit met sierlijke sprongen. Het zijn net kinderen die met luid gekwebbel de aandacht proberen te trekken. Ik laat me vertellen dat het tuimelaars zijn, een kleine dolfijnensoort. Ze zijn er niet minder mooi om.

Als we Staffa naderen, is Fingal’s Cave al goed te zien. In de Ierse mythologie heeft de held Fingal een doorgang gebouwd tussen Ierland en Schotland: Fingal’s Cave. De ingang van de grot is omlijst met zeshoekige pilaren van basalt, in hoogte variërend van een halve tot tien meter. De golven slaan er op stuk. Meeuwen vliegen rond, zoals altijd met veel lawaai. Bij een houten steiger gaan we aan land. Stappend van de ene basaltpilaar op de andere gaan we naar binnen. De ingang is hoog, ik schat wel vijftien meter. Het water stroomt de grot in en uit, het ritme van de golven buiten volgend. Als ik God was zou ik liever hier wonen dan in welke door de mens gebouwde kathedraal ook. Naast het water is een smal pad, waarlangs we dieper de grot in kunnen lopen.

Ik ga zitten op een pilaar en sluit mijn ogen. In mijn gedachten tover ik de basaltpilaren om tot orgelpijpen. Het geluid van het water wordt muziek, aangevuld met het geschreeuw van de meeuwen.
Ja, nu kan ik Mendelssohn begrijpen, die op deze zelfde plek werd geïnspireerd tot het schrijven van zijn Hebrides Overture. Op dit moment gaat de rest van de wereld aan mij voorbij en daar geniet ik van.

’s Middags maken we een klauterwandeling naar de andere kant van het eiland om de papegaaiduikerkolonie te zien. Deze vogels nestelen op de steile rotsen hoog boven het water. Ik heb gelezen dat dit de grootste kolonie puffins, zoals ze in het Engels heten, ter wereld is. Indrukwekkend.

Vroeg in de avond kom ik terug op Iona. In mijn rugzak heeft de proviand plaats gemaakt voor een aantal onvergetelijke ervaringen.

Schotland (2): Iona


Onze kamer is geboekt voor vijf nachten. De overtocht van Hoek van Holland naar Newcastle upon Tyne en van Oban naar het eiland Mull ook. De vakantie kan beginnen. De auto is ingepakt, de fietsen achterop. We zijn benieuwd hoe het ons zal bevallen, de eerste keer in Schotland.

Op de nachtboot naar Newcastle slapen we elk op een grote slaapzaal. Ik schat dat er ongeveer zestig stapelbedden staan. Ik lig boven, op een bed van hooguit 70 cm breed. Een dun, met plastic bekleed matras en een stevige deining zorgen ervoor dat ik de gehele nacht heen en weer glijd. De volgende ochtend word ik gewekt door een stem uit een luidspreker, die aankondigt dat we Newcastle naderen. Het doet me denken aan het legerkamp MASH. Johanna kijkt ook niet echt vrolijk als we elkaar in de ontbijtzaal treffen.

Een aantal jaren geleden hebben we voor het eerst een concert van de Iers-Engelse groep Iona bijgewoond. Gegrepen door de muziek en de teksten, werden we nieuwsgierig naar de herkomst van de naam van de band. Iona is een eilandje voor de kust van het Schotse eiland Mull. Op dit eilandje landde in de zesde eeuw de Ierse monnik Columba en stichtte daar een klooster. Dit was het begin van het Keltisch christendom in Schotland. Veel van de muziek en de teksten van Iona zijn geïnspireerd op het leven van Columba. Het eiland is tot op de dag van vandaag de ontmoetingsplaats voor leden van de Iona Community, een organisatie die veel praktisch werk doet onder de armen in Schotland. Hier zullen wij vijf dagen doorbrengen en proeven van de sfeer op het eiland.

Het is half tien en we rijden van de boot af. Thuis hebben we de route naar Oban al uitgestippeld. De afstand is nog geen 400 kilometer. De ferry van Oban naar het eiland Mull vertrekt om vier uur ’s middags, dus tijd genoeg. Daarna is het nog zeker twee uur rijden over Mull naar de andere kant. Dan nog een laatste pontje naar Iona. De verwachting is dat we daar tegen zeven uur ’s avonds zullen arriveren.

De autorit door Schotland is prachtig, precies zoals we ons van te voren hadden voorgesteld. Hoe verder we naar het westen rijden, hoe mooier het wordt. Eén lastige hobbel moeten we nog nemen: Glasgow. Er zijn verschillende manieren om er langs te komen. Wij nemen de verkeerde beslissing.
Het kost ons anderhalf uur om deze grote stad achter ons te laten. We vervolgen onze weg langs Loch Lomond naar het noorden en buigen vervolgens weer af naar het westen.

De wegen worden smaller. Het schiet niet echt op. Het laatste stuk naar Oban gaat over een smalle, bochtige weg. De maximum snelheid is 80 en er is nauwelijks gelegenheid om in te halen. Het is half vier en nu moeten we opschieten. Ik neem de nodige risico’s en haal op plaatsen in waar het eigenlijk niet kan. Eerlijk gezegd verwachten we niet dat de boot precies om vier uur zal vertrekken. In Schotland gaat alles zo veel rustiger dan bij ons. Het is vier uur als we Oban binnenrijden. De laatste bocht om en we zien de boot voor onze ogen loskomen van de kade. In de verte zien we de contouren van Mull. Uitgeput door teleurstelling en stress nemen we ons voor ons nooit meer te haasten als we op vakantie zijn.

We kopen kaartjes voor de boot voor de volgende dag en gaan op zoek naar een B&B of hotel. Die is snel gevonden. We genieten van een heerlijke avond in het mooie stadje Oban. Dit zouden we gemist hebben als we de boot wel hadden gehaald. Nog voor de middag de volgende dag bereiken we zonder problemen Iona, na een fantastische tocht over het eiland Mull.

Schotland (1): Al weer een hek!


Tijdens onze eerste vakantie in Schotland hoorden we voor het eerst muziek van de traditionele Schotse band Capercaillie. Een geweldige band, die oude Keltische songs afwisselt met vlotte, populaire nummers en reels, die van oudsher in pubs worden gespeeld. Een capercaillie is een auerhoen. Capercaillie heeft onder andere de muziek gemaakt voor de populaire speelfilm Rob Roy.

Omdat veel van de teksten in het Gaelic zijn en wij daar niets van kunnen verstaan, hebben we met een beetje fantasie voor sommige regels een Nederlandse variant bedacht. Zo hadden wij toen Sebastiaan net was geboren in Gouda een schoonmaakster, die Ike heette. In één van de Gaelic songs, je wilt het geloven of niet, hoorden wij de Nederlandse regel:
”Ike, maak es skoo-oon, maak es skoo-oon. Ike, maak es skoo-oon.”
In werkelijkheid zongen ze natuurlijk iets geheel anders.

De liefde voor Capercaillie is tot op de dag van vandaag gebleven en intussen hebben we een tiental cd’s. Toen Sebastiaan een jaar of vier was en wij opnieuw op vakantie in Schotland waren, maakten we op een dag één van onze vele rondritjes met de auto. Steevast schalde de muziek van Capercaillie uit de boxen. Als het weer het toeliet hadden we de ramen open, zodat we de Schotse bevolking konden laten weten:
“Hoor ons eens van jullie muziek houden!”

Johanna houdt veel van onbekende weggetjes en die heb je in Schotland volop. Dus dirigeerde ze mij een landweg op, onverhard en één auto breed. Geen idee waar de weg toe zou leiden, genoten we van de prachtige omgeving. Om de paar kilometer werd ons de weg versperd door een breed houten hek. Johanna stapte dan uit, deed het hek open en weer dicht, nadat ik met de auto gepasseerd was. Een oude vrouw hield ons staande en vertelde ons:
“This is a private road, dear, but you’re welcome. Just follow on through and you will reach the public road again. Bye now, dear.”
Het was net Mrs. Doubtfire.
Toen we voor de vierde keer voor een gesloten hek stonden, hoorden we Capercaillie zingen:
“Oh, al weer een hek. Oh, al weer een hek.”

We hebben de rest van de vakantie hier veel plezier om gehad en nu nog steeds, zoveel jaren later, proberen we Nederlandse teksten in de songs van Capercaillie te horen.


De site van Capercaillie